mei 2014

dinsdag 27 mei 2014

Gemeentefinanciën en openbaar vervoer: een diffuus beeld

De post ‘Openbaar vervoer’ wordt door het CBS als volgt gedefinieerd:
‘De diensten van metro-, tram- en busondernemingen. Ook het treffen van voorzieningen voor ov en taxivervoer behoort tot deze functie, evenals het zorgen voor spoorwegaansluitingen in haven- en industriegebieden’. 

De begrote lasten per inwoner variëren van meer dan 100 tot 0 euro. De lasten kunnen betrekking hebben op haltes aanpassen, investeren in busbanen, bijdrage aan de ov-exploitatie (enkele hebben zelfs medewerkers van het vervoerbedrijf in dienst).
Aangezien iedere gemeente toegankelijke haltes heeft gemaakt, betekent dit dat er gemeenten zijn die de kosten van het toegankelijk maken van haltes op de post wegen/straten/pleinen hebben geboekt. Of dat de haltes door een andere overheid zijn gefinancierd.

De baten bij gemeenten kunnen bestaan uit bijdragen van bijvoorbeeld hun provincie of kaderwetgebied, inkomsten uit verkopen/heffingen maar ook onttrekkingen aan voorzieningen of aangewende reserves.

In de CBS-statistiek zijn bij 245 gemeenten baten noch lasten ingevuld voor het ov. Voor de gemeenten die hier wel iets hebben ingevuld, varieert het saldo van baten minus lasten per inwoner van 1,6 tot -136,8 euro per inwoner.
Het saldo geeft alleen aan wat er op de begroting van een gemeente staat en niet op wat er op de begroting van de vervoerautoriteit staat. Samen bepalen zij wat de totale investering en opbrengt van het OV is.

Het enige wat de CBS-statistiek over ov lijkt te zeggen is dat de ene gemeente relatief meer investeert in het ov dan de andere. De data zijn ook te bekijken in het databestand bij dit dashboard

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen